In trainersland worden zeer diverse trainingen gegeven. Ik onderscheid vier type trainingen. Ze doen een verschillend beroep op je trainersvakmanschap, je persoonlijke ontwikkeling als trainer en je bekwaamheid in het omgaan met groepsdynamica en systemische wetmatigheden. Hierdoor ontstaan vier niveaus in trainen:

Niveau 1: Vakinhoudelijk trainer
Dit zijn trainingen waarin je met name inhoudelijke kennis overbrengt. Deze trainingen vragen van de trainer om didactische vaardigheden en om gedegen vakkennis. Door de duidelijke structuur in het programma van vakinhoudelijke trainingen blijft de onderlinge dynamiek tussen de deelnemers doorgaans onder de mat. Van de trainer als persoon vragen deze trainingen zelfinzicht in sterke en zwakke kanten, zodat de trainer zelfbewust kan groeien in zijn vak.

Niveau 2: Vaardigheidstrainer
Het gaat hier om het aanleren van vaardigheden en het intrainen van nieuw gedrag (gedrag en omgevingsniveau). Daarmee wordt de inhoud van de training meteen persoonlijk, ook al gaat de training over hoe je dóet en niet over wie je bént.
Ook bij vaardigheidstrainingen is sprake van een duidelijke programmastructuur. Van de trainer wordt stevig trainersvakmanschap verwacht, zowel in het doelgericht sturing geven aan het leerproces als in het creëren van contact en verbinding. Je krijgt impact als je in je programma en interventies scherp aansluit bij de persoonlijke leerdoelen van je deelnemers.

omgeving

Niveau 3: Persoonlijk procestrainer
Deze trainingen zijn gericht op persoonlijke ontwikkeling en/of leiderschapsontwikkeling. Voor een zichtbare en blijvende gedragsverandering in de praktijk is het nodig om ook de belemmeringen te onderzoeken die de verandering in de weg staan en op zoek te gaan naar hulpbronnen voor de transformatie. Daarmee worden het mentale, emotionele, fysieke en zingevingniveau toegevoegd aan het gedrag en omgevingsniveau.
Van de trainer wordt bij dit type trainingen niet alleen zeer gedegen vakmanschap gevraagd, maar ook inzicht in (diepe) persoonlijke veranderingsprocessen. Dit vraagt van jou als trainer dat je deze niveaus in je eigen persoonlijke ontwikkeling hebt onderzocht.

Niveau 4: Systemisch teamtrainer
Teamtrainingen spelen zich altijd af op de zes ontwikkelingsniveaus in het kwadraat: het gaat om de patronen van de individuele teamleden én om de collectieve teampatronen.
Dit vraagt van jou als trainer dat je je programma kunt loslaten en werkt met de groepsdynamiek in het hier-en-nu, dat je helder zicht houdt op de patronen die zich ontvouwen en deze vanuit compassie bespreekbaar kunt maken, dat je diepgaand inzicht hebt in je persoonlijke systemische achtergrond en kunt werken met het team als systeem binnen de organisatie.